Praktijk voor Kinderfysiotherapie Veghel

Aandachtsgebieden

Plagiocephalie ook wel afplatting genoemd.

Het is mogelijk dat een zuigeling een voorkeurshouding (het kindje kijkt grotendeels van de tijd naar een kant) heeft door een ligging in de baarmoeder of door een moeilijke bevalling. Daardoor kan de ontwikkeling achterblijven omdat bv het ene handje niet in zicht komt van de baby of omdat hij zich eenzijdig gaat ontwikkelen. Vaak is door goede houding- en hanteringsadviezen erger te voorkomen. Een ander gevolg van een voorkeurshouding is een afplatting aan de achterzijde van het hoofdje. Dit is vaak door simpele oefeningen en tips (erger) te voorkomen. Helmredressie wat voorheen nog wel eens gedaan werd, komt bijna niet meer voor.  Op latere leeftijd is geen verschil meer te zien tussen kinderen met en zonder helmpje.

 

Voor een voorkeurshouding is het dan ook belangrijk om op tijd de fysiotherapie in te schakelen. Dit gaat vaak op advies en met verwijzing van het consultatiebureau.

 

Wij komen bij u thuis om het kindje te onderzoeken. Door tips over de plaatsing van speelgoed, nachtlampje of ligging van het kindje, kunnen we al veel doen. Af en toe is een aanvullende behandeling van bv een manueel-therapeut nodig. Wij kunnen u dan doorsturen naar een gecertificeerde kinder-manueel therapeut. Als de afplatting zeer ernstig blijkt te zijn, dan kunnen we u doorsturen naar het Bernhoven ziekenhuis waar de kinderarts en de fysiotherapeut, na eigen onderzoek, bepalen of een helmpje toch noodzakelijk is. Als dat zo is wordt er een helmpje aangemeten door een gespecialiseerd bedrijf (Livit).

 

Voor tips bij een voorkeurshouding zie Tips.

 

Schrijftraining. 

Het komt regelmatig voor dat kinderen in de groepen 3 en 4 schrijfproblemen laten zien. Het schrijven is een zeer complexe handeling; je moet weten welke letters er bij dat woord horen, in welke volgorde, hoe zien die letters eruit dan en hoe krijg ik ze op papier. Ook wordt er nog vaak verlangd dat de letters precies tussen de lijntjes moeten komen. Op alle gebieden kunnen er problemen ontstaan. Als het kind kramp krijgt in de hand, te dicht bij de punt pakt, geen snelheid heeft bij het schrijven of algemene problemen met de fijne motoriek, dan kan de fysiotherapeut hulp bieden. Ook het automatiseren van de letters en tussen de lijntjes schrijven is te oefenen. Samen met de leerkracht worden afspraken gemaakt hoe we samen het kind het beste kunnen helpen. Er is direct overleg met de leerkracht en soms ga ik kijken op school om te bekijken wat het probleem precies is of om de tips te bespreken. Het schrijven is een moeilijke vaardigheid die op een leuke manier geoefend kan worden.

Ontwikkelingsachterstand.

Het komt voor dat een kind om wat voor reden dan ook achterblijft in de ontwikkeling. Mogelijk is er sprake van een lichamelijk probleem, een mentaal probleem of een andere manier van voortbewegen waardoor de vervolgstappen bemoeilijkt worden.

Zo zijn er kinderen die niet gaan kruipen of tijgeren maar op de billen rond schuiven. Op zich geen probleem. De afgelopen 30 jaar komt het steeds vaker voor omdat bv de vloeren tegenwoordig heel glad zijn. Kinderen met hypermobiliteit kiezen vaak ook voor een meer stabiele houding dan de kruiphouding. Slecht zien of spugen kunnen een reden zijn om te gaan billenschuiven. U merkt het al. Er zijn verschillende redenen waarom kinderen gaan billenschuiven. Daarom is onderzoek naar de reden waarom deze kinderen zich op de billen voortbewegen erg belangrijk. Daarbij is de mogelijkheid tot overgangsmotoriek erg belangrijk omdat je bv vanuit zit niet kunt gaan staan of gaan trapklimmen. Vaak zijn enkele tips voldoende om het kind te helpen toch te komen tot de volgende stap.

Kinderen die op de tenen lopen zijn vaak snel en vluchtig in hun gedrag. Het op de tenen lopen is in eerste instantie niet erg. Blijft het langer bestaan, bestaat er een kans op verkortingen van achillespezen en zelfs op vervormingen van de botstructuren in de voeten. Daarom is ook hier belangrijk te kijken naar de oorzaak en dit op tijd aan te pakken. Deze kinderen hebben namelijk later problemen met balans en langzame bewegingen.

Hypermobiliteit kan een reden zijn waarom kinderen langzamer ontwikkelen omdat ze de steun en stabiliteit missen tijdens kruipen en loslopen. Ook hier zijn tips en oefeningen van groot belang. Tevens kunnen we adviezen geven voor wat betreft schoeisel en sportbeoefening.

 

Prikkelverwerking (oftewel sensorische informatieverwerking).

Sensorische informatieverwerking (SI) is het vermogen om informatie vanuit de wereld om je heen en vanuit je lichaam op te nemen, te selecteren en de verschillende stukjes informatie met elkaar te verbinden zodat je er op de juiste manier op kunt reageren. Het kan zijn dat uw baby last heeft van verschillende prikkels uit uw omgeving. Dat kunnen verschillende prikkels zijn zoals bv geluid, licht, aanraken of bv smaak,  maar  ook vanuit de darmen of door het spugen. Dit uit zich dan in niet goed kunnen slapen, niet op schoot willen zitten, meteen huilen als er iemand anders het kindje vasthoudt, snel en ontroostbaar huilen, zich van iemand afdraait, niet willen drinken of gespannen aanvoelen. Samen met u kunnen wij gaan kijken waar uw kindje last van heeft en dan bekijken hoe we deze prikkel zo kunnen maken dat hij wel prettig is of mogelijk weghalen als dat nodig is. Een voorbeeld van deze prikkels kan zijn dat uw kindje hard gaat huilen als hij uit het badje gehaald wordt. Een simpele oplossing zou kunnen zijn om bv al een handdoek tegen u aan te houden waar u uw kindje in kan wikkelen zodra u het kindje uit bad haalt. Daardoor is de prikkel "kou" vanuit het badje al veel minder heftig.  Het zijn vaak dingen waar u niet meteen bij stilstaat.

Bij de oudere kinderen kan ook sprake zijn van een probleem bij het verwerken van prikkels uit de omgeving. Soms gaat dit bij kinderen niet goed en komen prikkels sterker of juist minder sterk binnen. Hierdoor kunnen ze te heftig of juist te weinig reageren op prikkels. Dit kan zich uiten in bijvoorbeeld continu willen bewegen, snel afgeleid zijn of sterk reageren op bepaalde structuren of aanraking.
SI-therapie geeft ouders (en leerkrachten) adviezen en oefeningen over welke zintuiginformatie gestimuleerd of juist beperkt moet worden om het kind in zijn omgeving het beste en fijnste te laten functioneren. Wil je hier meer over weten, kijk dan eens op
https://www.nssi.nl/wat-is-het.nl

 

Billenschuiven.

Je ziet vaker het billenschuiven ontstaan bij kinderen die hypermobiel zijn of die een meer symmetrische ontwikkeling volgen. zeker bij gladde vloeren komt dit vaker voor. Een billenschuiver kan goed vooruit en is verder tevreden. Totdat het moment komt dat ze moeten gaan staan of bij opstapjes terecht komen. Ze willen graag de benen vooruit bovenop de verhoging leggen maar dat gaat natuurlijk niet. Vanuit zit komen staan lukt vaak ook niet en zeker niet op een goede manier. Het is dan van belang om wat andere manieren aan te bieden zoals zeker de knieenstand. Wij hebben daar tips voor en wat oefeningen waardoor de ontwikkeling iets anders gaat verlopen en de ontwikkeling verder kan zonder dat er veel frustraties ontstaan.